Skip to main content

4.2 RAM-geheugen

CAMM-geheugen

Van SO-DIMM naar CAMM2

CAMM2 (compression attached memory module)  is een heel nieuwe standaard voor geheugensmodules en komt in twee types: CAMM2 gebruikt gewone DDR (double date rate) geheugenchips, terwijl LPCAMM2 gebruik maakt van Low-Power DDR geheugenchips. De connector van beide types is hetzelfde, maar de contactpunten staan anders, waardoor ze onderling niet inwisselbaar zijn. CAMM2 is gericht op high-end laptops zoals gaming laptops en krachtige mobiele werkstations terwijl LPCAMM2-modules bedoeld zijn voor zuinige en lichte laptops. 

Vergeleken met SO-DIMM, biedt CAMM2 meerdere voordelen. Het ontwerp is kleiner en dunner en de geheugencapaciteit per module is hoger. Door ze dichter bij de processor te monteren worden hogere datasnelheden en kleinere vertragingen verkregen. Ze zijn bovendien zuiniger, wat interessant is om de batterijautonomie van laptops te verhogen en koelingsproblemen te vermijden. 

Daar staat tegenover dat CAMM2 tot 10 keer duurder is dan een SO-DIMM module van dezelfde capaciteit, al kan dat snel veranderen wanneer ze in grotere aantallen geproduceerd gaan worden. Wanneer dat zal zijn is nog onduidelijk. Momenteel zijn er haast nog geen laptops die van CAMM2 gebruik maken - maar de techniek is dan ook nog gloednieuw. 

Maar misschien waait de nieuwe wind wel vanuit een heel andere hoek: in juni 2024 onthulde ASRock immers een moederbord met CAMM2-slots. En zo baant de nieuwe standaard zich ook een weg in de desktopwereld, nog voor ze goed en wel bij laptops is doorgebroken.

 

Relatie tussen geheugenbenaming en geheugensnelheid

 

Type Benaming Frequentie
DDR200 PC1600 200 MHz
DDR266 PC2100 266 MHz
DDR333 PC2700 333 MHz
DDR400 PC3200 400 MHz
DDR433 PC3500 433 MHz
DDR466 PC3700 466 MHz
DDR500 PC4000 500 MHz
DDR533 PC4200 533 MHz
DDR538 PC4300 538 MHz
DDR550 PC4400 550 MHz
DDR2-400 PC2-3200 400 MHz
DDR2-533 PC2-4300 533 MHz
DDR2-667 PC2-5300 667 MHz
DDR2-675 PC2-5400 675 MHz
DDR2-800 PC2-6400 800 MHz

 

 

Type Benaming Frequentie
DDR3-800 PC3-6400 800 MHz
DDR3-1066 PC3-8500 1066 MHz
DDR3-1333 PC3-10667 1333 MHz
DDR3-1600 PC3-12800 1600 MHz
DDR3-1866 PC3-14900 1866 MHz
DDR3-2133 PC3-17000 2133 MHz
DDR4-1600 PC4-12800 1600 MHz
DDR4-1866 PC4-14900 1866 MHz
DDR4-2133 PC4-17000 2133 MHz
DDR4-2400 PC4-19200 2400 MHz
DDR4-2666 PC4-21300 2666 MHz
DDR4-2800 PC4-22400 2800 MHz
DDR4-3000 PC4-24000 3000 MHz
DDR4-3200 PC4-25600 3200 MHz
DDR4-3600 PC4-28800 3600 MHz
DDR4-4000 PC4-32000 4000 MHz
DDR4-4400 PC4-35200 4400 MHz

 

 

Type Benaming Frequentie
DDR5-4400 PC5-35200 4400 MHz
DDR5-4800 PC5-38400 4800 MHz
DDR5-5200 PC5-41600 5200 MHz
DDR5-5600 PC5-44800 5600 MHz
DDR5-6000 PC5-48000 6000 MHz
DDR5-6200 PC5-49600 6200 MHz
DDR5-6400 PC5-51200 6400 MHz
DDR5-6600 PC5-52800 6600 MHz
DDR5-6800 PC5-54400 6800 MHz
DDR5-7000 PC5-56000 7000 MHz
DDR5-7200 PC5-57600 7200 MHz
DDR5-7600 PC5-60800 7600 MHz
DDR5-8800 PC5-70400 8800 MHz

 

Deze tabellen doen vermoeden dat bepaalde geheugentypes gelijkwaardig zijn. Zo heeft DDR400 geheugen eenzelfde frequentie als DDR2-400. Toch zal het DDR2-geheugen beter presteren. Dat komt omdat bij DDR-geheugen slechts twee bits tegelijk worden uitgelezen, bij DDR2 zijn er dat vier. Daaruit volgt dat de frequentie van het DDR-geheugen twee keer zo hoog is als de frequentie van de systeembus die de processor met het werkgheugen verbindt. Bij DDR2-geheugen is die frequentie vier keer zo hoog, bij DDR3- en DDR4-geheugen zelfs acht keer zo hoog. Welke DDR-generatie je precies in je computer kan gebruiken, is dus afhankelijk van de systeembus op het moederbord. Kijk dus goed in de specificaties van je moederbord na welke geheugentypes er precies op passen vooraleer je geheugenmodules aankoopt.

Het lijkt alsof DDR3- en DDR4-geheugen helemaal gelijkwaardig zijn. Het verschil zit 'm vooral in de stroomspanning die noodzakelijk is. Bij DDR4 is die namelijk kleiner. Dat heeft twee voordelen: de geheugenchips worden minder snel warm waardoor hogere frequenties mogelijk worden, en ze zijn ongeveer 15% zuiniger. Dat laatste heeft weinig impact op het totale stroomverbruik van een gewone PC, maar in datacenters, waar duizenden geheugenmodules gebruikt worden, scheelt dat een flink stuk op het energieverbruik.

Het is niet zo dat DDR3-geheugenchips van verschillende snelheden apart van elkaar geproduceerd worden. Alle fabrikanten maken bij aanvang dezelfde geheugenchips - in het geval van DDR3 zijn er dat van het type DDR3-1600. Wel bestaan er kwaliteitsverschillen tussen de verschillende chips, zelfs op een zelfde productielijn. Na fabricage worden de chips getest. Chips die minder goed presteren worden op goedkopere DDR3-1333 of zelfs DDR3-1066 geheugenmodules geplaatst. Chips die beter presteren dan verwacht, komen op duurdere DDR3-1866 of DDR3-2133 geheugenmodules terecht.

Wanneer je een bepaald type geheugenmodule op een moederbord plaatst, wordt die automatisch door het BIOS herkend. Je hoeft daarvoor dus niet zelf aan BIOS-instellingen te morrelen. Op elke geheugenmodule heeft de fabrikant immers een tabelletje met instellingen van die geheugenmodule geplaatst, dat door het BIOS kan worden uitgelezen: de SPD of serial presence detect. Sommige geheugenmodules beschikken over een tweede tabelletje, de XMP (extreme memory profiles), met gegevens over de onofficiële prestaties die door de fabrikant zijn getest. Zo kan de SPD een maximale snelheid aangeven van 1600 MHz, terwijl de XMP duidelijk maakt dat 2133 MHz haalbaar is, samen met de instellingen van voltage en dergelijke die die hogere snelheid mogelijk maakt. Dat laatste is erg interessante informatie voor overklokkers.

Grenzen aan werkgeheugen

Wanneer een computer te traag gaat, is het uitbreiden van het werkgeheugen een mogelijke oplossing. Maar daar zijn grenzen aan: je kan niet ongebreideld werkgeheugen toevoegen aan een computersysteem.

De belangrijkste grens wordt wellicht opgelegd door de chipset op het moederbord van je computer. Die is immers geprogrammeerd tot een bepaalde capaciteit aan werkgeheugen - meer is er niet mogelijk. De limieten die de chipset oplegt zijn te vinden in de documentatie van het moederbord. Vaak worden ze ook vermeld bij de specificaties van het moederbord in online winkels.

Besturingssystemen vormen een tweede limiet. Zo is het in 32-bits besturingssystemen sowieso nooit mogelijk om meer dan 4 GB werkgeheugen aan te spreken - tenzij gebruik gemaakt wordt van physical address extension, maar dat helemaal beschrijven zou hier te ver leiden. Beschik je over een grafische kaart die ook een deel van het werkgeheugen aanspreekt, dan is er voor het besturingsssyteem zelfs minder beschikbaar. Een 64-bits processor kan tot maximaal 16 EB aan geheugen adresseren. Maar als je had gedacht dat je met je nieuwste 64-bits Windows-versie zulk fenomenaal geheugen kan gebruiken, zal je teleurgesteld worden.

Ontwikkelaars van besturingssystemen hebben maximale limieten gesteld aan de geheugencapaciteit die kan gebruikt worden. Dat is het gevolg van de manier waarop de kernel van het besturingsssysteem en sommige services werden geprogrammeerd. In de tabel kan je zien wat de maximale geheugencapaciteit is die 64-bits Windows-versies kunnen aanspreken. Zelfs als je meer geheugencapaciteit op het moederbord steekt, zal er niet meer dan de aangegeven limiet van gebruikt worden.

Voor andere besturingssystemen dan Windows is de maximale limiet afhankelijk van de gebruikte hardware.

 

64-bits Windows-versie Max. RAM
Windows 7 Home Basic 8 GB
Windows 7 Home Premium 16 GB
Windows 7 Pro / Enterprise / Ultimate 192 GB
Windows 8 Home 128 GB
Windows 8 Pro / Enterprise 512 GB
Windows 10/11 Home 128 GB
Windows 10/11 Pro 2 TB
Windows 10/11 Enterprise 6 TB
Windows Server 2012 Essentials 64 GB
Windows Server 2012 Standard 4 TB
Windows Server 2016 24 TB
Windows Server 2019 24 TB
Windows Server 2022 48 TB

 

Test je kennis